Archief


Voorlichting & Communicatie
, van het Ministerie van Justitie en Politie.

                                                                   
Zoeken = Cntrl + F

25 februari 2010

Persbericht 14/10

  
Principe Rechtsstaat hoog in het vaandel 

In het dagblad de Ware Tijd van woensdag 24 februari 2010 is een ingezonden stuk gepubliceerd, afkomstig van V. Lepelblad, secretaris van de Nationale Democratische Partij, Ressort Blauwgrond.

In vorengenoemd stuk wordt onder andere beweerd dat er een strafrechtelijk onderzoek gaande is tegen dhr. Chandrikapersad Santokhi,  minister van Justitie en Politie en dat betrokkene op 25 februari voor het Hof van Justitie zal moeten verschijnen als verdachte.

Tevens wordt in het stuk beweerd dat het “als bekend moet worden verondersteld dat het gaat om ernstige strafbare feiten die gepleegd zijn op het Ministerie van Justitie en Politie”.  

De inhoud van het ingezonden stuk getuigt niet alleen van een gebrek aan juridische kennis, doch ademt tevens de vooringenomenheid van de auteur. Er is namelijk geen sprake van een strafrechtelijk onderzoek dat gaande zou zijn tegen dhr. Santokhi, minister van Justitie en Politie, noch wordt de bewindsman verdacht van enig strafbaar feit.

Wat wel het geval is, is het volgende:

Enige tijd geleden hebben de voormalige Onder-Directeur van Justitie, belast met de algehele leiding van de Hoofdafdeling Vreemdelingenzaken, mevr. D. van de L’Isle-de Jong en haar juridisch adviseur dhr. F. King, de Procureur-Generaal gevraagd een onderzoek in te stellen naar mogelijke strafbare handelingen die zich zouden hebben voorgedaan bij het verlenen van verblijfsvergunningen aan vreemdelingen door het Ministerie van Justitie en Politie.

Het Openbaar Ministerie is na een diepgaand onderzoek tot de conclusie gekomen dat er geen aanwijzingen zijn die zouden duiden op strafbare handelingen.  

Personen die menen kennis te dragen van strafbare feiten kunnen daarvan aangifte doen en vragen dat deze feiten vervolgd worden. Indien echter na onderzoek geen strafwaardig handelen is komen vast te staan, blijft vervolging uiteraard uit.

De aangever hoeft zich daar niet bij neer te leggen, doch kan op grond van artikel 4 van het Wetboek van Strafvordering zijn beklag doen bij het Hof van Justitie en vragen dat het Openbaar Ministerie wordt opgedragen alsnog tot vervolging over te gaan.

Artikel 4 van het Wetboek van Strafvordering  luidt:

1.  Wordt een strafbaar feit niet vervolgd, of de vervolging niet voortgezet, dan kan de belanghebbende daarover beklag doen bij het Hof van Justitie. Het Hof kan de Procureur-Generaal opdragen te dien aanzien verslag te doen, en kan voorts bevelen, dat de vervolging zal worden ingesteld of voortgezet.

2.  Het Hof kan het geven van zodanig bevel ook weigeren op gronden aan het algemeen belang ontleend.

3.  De leden van het Hof, die over het beklag hebben geoordeeld, nemen bij voorkeur geen deel aan de berechting.

Bij de behandeling van een beklagschrift worden ook personen over wie de aangevers zich mochten hebben beklaagd, door het Hof van Justitie opgeroepen. Dat bestempelt die personen echter geenszins tot verdachte.

Wie een verdachte is wordt expliciet gesteld in artikel 19 van het Wetboek van Strafvordering.

Artikel 19 van het Wetboek van Strafvordering luidt:

1.  Als verdachte wordt aangemerkt degene te wiens aanzien uit feiten of omstandigheden een redelijk vermoeden van schuld aan enig strafbaar feit voortvloeit.

2.  Gedurende de vervolging wordt als verdachte aangemerkt degene tegen wie de vervolging is gericht.

Op de gemeenschap wordt een beroep gedaan zich niet te laten misleiden door personen die kennelijk niet juridisch onderlegd zijn, dan wel om hen moverende redenen zaken bewust in een verkeerd daglicht plaatsen.

De vorengenoemde acties van het Hof van Justitie geven uiting aan het rechtstatelijk principe binnen onze samenleving, waarbij een ieder zich aan de wet dient te onderwerpen. “Recht en waarheid maken vrij !”

 

23 februari 2010

Persbericht 13/10

  
Justitie en Politie traint organisaties in mensenrechten

Op maandag 22 februari jl. is in het gebouw van de Mantel aan de Verlengde Keizerstraat, een 3 weken durende training in Mensenrechten van start gegaan. Aan deze training participeren in totaal 25 afgevaardigden van verscheidene NGO’s, religieuze, inheemse en Marron-organisaties.

De participanten zullen gedurende de training aan de hand van de Internationale VN mensenrechtenconventies, een groter bewustzijn ten aanzien van mensenrechten worden bijgebracht.

De training wordt georganiseerd door het Buro Mensenrechten van het Ministerie van Justitie en Politie in samenwerking met de UNDP. Het Ministerie en de UNDP hebben zich in juni 2009 gecommitteerd om het project genaamd “Support for Implementing the Policy Plan for Protection of Legal Rights and Safety-Legal Protection and Human Rights, and Anti-Corruption”, te implementeren.

Binnen dit project worden relevante trainingen voor verscheidene doelgroepen georganiseerd. De training Mensenrechten voor de NGO’s en de religieuze, inheemse en marronorganisaties, wordt op 11 maart as. afgesloten.

 

19 februari 2010

Persbericht 12/10

 
Verleende vergunningen op 19 februari 2010

in het kader van het nieuwe Vreemdelingenbeleid 

In uw eigen belang wordt u verzocht om alles te doen om uw verblijfsstatus in de republiek Suriname in orde te maken ! Ga hiertoe naar de hieronder vermelde website.

onder '
Vreemdelingenzaken'

 

16 februari 2010

Persbericht 11/10

 
Verleende vergunningen op 16 februari 2010

in het kader van het nieuwe Vreemdelingenbeleid 

In uw eigen belang wordt u verzocht om alles te doen om uw verblijfsstatus in de republiek Suriname in orde te maken ! Ga hiertoe naar de hieronder vermelde website.

onder '
Vreemdelingenzaken'
 

 

Persbericht 10/10

   Suriname neemt leidinggevende rol in internationale drugsbestrijding 



Suriname is in november 2009 gekozen tot vicevoorzitter van de Inter American Drug Abuse Control Commission (CICAD). CICAD is het orgaan van de Organisatie van Amerikaanse Staten (OAS) welke belast is met de bestrijding van drugsmisbruik en drugscriminaliteit in Latijns Amerika en het Caribische Gebied. Alle 34 lidlanden van de OAS zijn ook lid van CICAD.

Het vicevoorzitterschap van Suriname wordt ingevuld door minister Chandrikapersad Santokhi van Justitie en Politie. Suriname kan in november 2010 voor de periode van een jaar belast worden met het voorzitterschap van deze organisatie.

Dat Suriname als relatief klein land van het westelijk halfrond verkozen wordt om leiding te geven aan een dergelijk grote organisatie in de regio is ongetwijfeld een grote eer voor ons land. Dit artikel gaat in op de trends in de internationale drugshandel, de betekenis van CICAD bij de bestrijding hiervan en de rol die Suriname kan vervullen in het leiderschapcentrum van dit orgaan.

Geschiedenis van CICAD

Sinds eind jaren zeventig wordt het Zuid Amerikaanse continent geteisterd door grootschalige productie van cocaïne. Vooral Colombia, Peru en Bolivia zijn grote producenten van cocaïne. Maar door de doorvoer van dit verderfelijk spul naar de lucratieve consumptiemarkten in de Verenigde Staten en West Europa is zowat elk land in het westelijk halfrond geïnfecteerd geraakt door de cocaïne epidemie.

Vanuit deze achtergrond werd in april 1986 de eerste Inter Amerikaanse conferentie tegen drugssmokkel te Rio de Janeiro, Brazilië gehouden. Op aanbevelen van deze conferentie werd CICAD in november 1986 opgericht door de General Assembly van de OAS. CICAD’s missie is om de productie, smokkel en misbruik van drugs in al haar lidstaten tegen te gaan.

Om haar doelen te bereiken voert CICAD een aantal ondersteunende programma’s uit, waaronder preventie en vermindering van gebruik van drugs, behandeling van drugverslaafden, vermindering van productie en smokkel van drugs, bestrijding van de aan drugs gerelateerde criminaliteit, versterking van nationale antidrugs strategieën en van nationale antidrugs organen, bestrijding van drugsgerelateerde wapenhandel en witwaspraktijken, alternatieve ontwikkeling voor drugsproducerende gebieden en dataverzameling op het gebied van drugs.

Zorgwekkende drugstrends

Naast cocaïne manifesteerden zich in de jaren negentig nieuwe internationale drugstrends. Synthetische drugs als methamfetamine en ecstasy kwamen op de markt. Het internet werd steeds meer als medium gehanteerd om precursoren (chemische bestanddelen die gebruikt worden om drugs te fabriceren), chemicaliën en medicijnen met verslavende bijwerkingen te verhandelen.

De internationale drugscriminaliteit breidde haar tentakels steeds verder uit en lijfde casino’s, offshore banken e.d. in. Prostitutie en mensensmokkel waren nieuwe gebieden waar de drugscriminaliteit zich mee inliet. Drugsgeld bracht een enorme corruptie onder ambtenaren en politieagenten met zich mee; soms zwichtten zelfs rechters en vooraanstaande politici voor het verleidelijke drugsgeld.  

In antwoord op deze zorgwekkende ontwikkelingen formuleerde CICAD in 1996 de Anti Drug Strategy of the Hemisphere. Deze strategie onderkende dat de drugsgerelateerde misdaad in alle geledingen van de samenlevingen was doorgedrongen en dat drgsgebruik en drugscriminaliteit grote negatieve consequenties hadden voor de nationale veiligheid, sociaaleconomische ontwikkeling en ontwikkeling van het menselijk potentieel van de regio.

Het was evident dat lidlanden individueel onvoldoende antwoord hadden voor de grensoverschrijdende internationale drugscriminaiteit. De CICAD antidrugs strategie van 1996 stond dan ook in het teken van ‘shared responsibility’.

Nieuwe internationale antidrugs strategieën

Het is een feit dat zolang de vraag naar drugs blijft bestaan er drugsproductie en drugshandel zal zijn. Traditioneel waren de Verenigde Staten en West Europa de afzetmarkten voor de Zuid Amerikaanse cocaïne. Tegenwoordig is goedkope cocaïne echter ook in onze regio voorhanden en raken onze eigen jongeren verslaafd aan dit verderfelik spul.

Ondanks scherpe maatregelen en miljarden dollars investeringen is de drugssmokkel in de regio nog lang niet uitgeroeid. Integendeel, de drugsstrijd is er alleen maar intenser op geworden. Oorlogen tussen rivaliserende drugsbendes zaaien dood en verderf in de regio. Terroristische aanslagen worden vaker met drugsgelden gefinancierd.

Ongecontroleerd gebruik en lozing van chemicaliën bij de productie van drugs hebben grote negatieve gevolgen op het milieu. Internationale drugskartels zijn zo machtig geworden dat zij tegenwoordig in staat zijn hele democratieën te bedreigen. Zij proberen politieke partijen te beïnvloeden, verkiezingen te manipuleren en mensenrechten onder druk te zetten.

Niet voor niets heeft de Secretaris Generaal van de OAS, Jose Miguel Insulza, tijdens de CICAD meeting in mei 2009 in Washington aangegeven: “We cannot ignore the threat drugs mafias pose to security and development in our hemisphere”. Insulza heeft CICAD daarom opgeroepen haar antidrugs strategie van 1996 aan te passen aan de hedendaagse ontwikkelingen.  

De internationale gemeenschap heeft zich tijdens de World Drug Conference van de Verenigde Naties in maart 2009 in Wenen, Oostenrijk, uitgesproken om de internationale drugsmisdaad krachtig te bestrijden. Ook de Fifth Summit of the Americas in april 2009 in Port of Spain, Trinidad heeft de collectieve aanpak van drugsgebruik en drugsmisdaad hoog in haar slotdeclaratie opgenomen, met het oog op garanderen van de openbare veiligheid op het westelijk halfrond.  

Betekenis van CICAD voor Suriname

Wat betekenen deze internationale drugs trends voor Suriname? Het is zonder meer duidelijk dat wat zich om ons heen afspeelt onherroepelijk invloed heeft op onze eigen situatie. Ook in Suriname leidt de grotere aanwezigheid van drugs tot meer consumptie, tot meer verslaving, tot meer menselijk leed en tot meer schade voor de maatschappij.

Toenemende vormen van drugsgebruik baren de Nationale Anti Drugs Raad en de opvangcentra voor drugsverslaafden grote zorgen. Drugsgebruikers doen steeds jonger een verslaving op. Drugssmokkel levert de politionele en justitiële autoriteiten continu hoofdbrekens op.

De drugscriminaliteit is binnengedrongen in zowat alle geledingen van de samenleving. De gehele gemeenschap heeft vaker te leiden onder het stigma van Suriname als doorvoerland. Dat aan deze negatieve ontwikkelingen een halt moet worden toegeroepen mag duidelijk zijn.

De harde opstelling van Suriname in haar strijd tegen drugs heeft de aandacht van CICAD getrokken. Suriname is door CICAD in staat gesteld te profiteren van zijn internationale kennis en technische expertise.

Met financiële en technische steun van CICAD is een aantal projecten in Suriname uitgevoerd, waaronder een landelijk huishoudonderzoek naar drugsgebruik, opzetten van een geautomatiseerd drugs datamanagement systeem op het Openbaar Ministerie, opzetten van een geïntegreerd informatienetwerk van de verschillende drugsbestrijdingsdiensten en onderzoek naar drugsgebruik n gevangenissen.

Daarnaast zijn vele Surinamers de laatste jaren door CICAD getraind in diverse gebieden, zoals versterken van het nationaal antidrugsbeleid, drugspreventie op scholen, minimumstandaarden in de verslavingszorg, opsporing van chemicaliën en precursoren voor bereiding van drugs en bestrijding van witwaspraktijken.

Suriname’s participatie in het Multilateral Evaluation Mechanism (MEM) van CICAD is toonaangevend in het Caribische Gebied. Suriname is recentelijk met steun van CICAD en de Europese Unie en met technische expertise uit België gestart met het opzette van een drugsrechtbank voor behandeling van verslaafde criminelen.

Ondanks successen bij het terugdringen van cocaïne droppings en het oprollen van internationale drugsbendes in ons land zijn wj er echter nog lang niet. Er is nog veel huiswerk te maken, voordat de drugsproblematiek binnen beheersbare proporties is teruggebracht.  

Suriname als leider van CICAD

In november 2010 zal de volgende grote CICAD jaarvergadering in Paramaribo worden gehouden. Suriname zal dan naar verwachting gekozen worden om de hoogste post van voorzitter van CICAD in te vullen. Deze positie is een enorme eer voor ons land, maar gaat ook gepaard met verantwoordelijkheden en uitdagingen.

Uitdagingen die onder Suriname’s leiderschap zullen moeten worden aangepakt zijn o.a. eliminatie van de drugssmokkelroute vanuit Zuid Amerika via West Afrika naar Europa, verhoging van de kwaliteit en effectiviteit van de verslaafdenzorg, bestrijding van drugsgerelateerde corruptie, aanpak van internationale witwaspraktijken en harmonisatie van antidrugs strategieën.

Suriname kan als CICAD voorzitter een belangrijke brugfunctie vervullen in de drugsaanpak van de Caribische landen via CARICOMen de Zuid Amerikaanse landen verenigd in UNASUR. Met Suriname in de leiderschapsrol van CICAD kan de synergie in de gehele regio worden versterkt. Hierdoor kan het totale westelijk halfrond één vuist maken tegen de drugsmisdaad. Een uitdagend vooruitzicht voor ons land. (Manodj Hindori)

Referentiemateriaal:

‐ CICAD Statutes (1986)

‐ CICAD Annual Report 2008

‐ Speech by the Secretary General of the Organization of American States (May 2009)

 

Persbericht 09/10

Op verzoek van Justitie en Politie:

   Intrekking vergunning en strafrechtelijk onderzoek

.....  jegens Stichting "The Eliezer Group Foundation loterij"

Op verzoek van minister Chandrikapersad Santokhi van Justitie en Politie heeft president Ronald Venetiaan geaccordeerd dat de ruim 3 jaar geleden verstrekte loterijvergunning aan de Stichting the Eliezer Group Foundation Loterij wordt ingetrokken. Aanleiding voor het verzoek van de justitieminister was het niet doen plaatsvinden van de trekking van de Goede Doelen Loterij door voornoemde organisatie.

Aan Stichting the Eliezer Group Foundation Loterij was per resolutie van 9 januari 2007 vergunning verleend tot het houden van een loterij. In die vergunning werd de trekkingsdatum bepaald op 18 juni 2007; echter vroeg de stichting op die bewuste datum om de trekkingsdatum te mogen verschuiven naar 10 oktober 2007.

Dat verzoek is per beschikking van de Minister van Justitie en Politie ingewilligd. Op 24 juli 2007 vroeg de stichting om op 18 augustus 2007 een tussentijdse trekking te mogen houden. Dit verzoek is eveneens goedgekeurd door het ministerie, echter heeft die tussentijdse trekking niet plaatsgevonden. Ook de nieuwe trekkingsdatum van 10 oktober 2007 is verstreken zonder dat de trekking van de loterij heeft plaatsgevonden.

Op 15 maart 2008 vroeg de stichting wederom toestemming de trekkingsdatum te verschuiven en drie deeltrekkingen te mogen houden. Aan dit verzoek is geen goedkeuring verleend door het ministerie. Per schrijven d.d. 27 april 2009 vroeg de stichting het ministerie van Justitie en Politie om de hoofdprijs van de loterij - een voertuig - te doen vervallen en de trekking van de overige prijzen te mogen houden op een nader te bepalen datum.

Ondanks herhaalde contacten tussen het ministerie en de stichting hieromtrent, is die datum niet nader bepaald geworden door de stichting. Al het voorgaande is aanleiding geweest voor de minister van Justitie en Politie om de president enige weken geleden schriftelijk te vragen over te gaan tot intrekking van de loterijvergunning.

Daarnaast heeft de minister het Openbaar Ministerie gevraagd om een strafrechtelijk onderzoek in te stellen wegens het niet doen plaatsvinden van de trekking van de Goede Doelen Loterij door de Stichting the Eliezer Group Foundation Loterij.

Ingevolge de Loterijwet is het exploiteren van een loterij zonder inachtneming van de aan de loterij verbonden voorschriften en voorwaarden strafbaar, en staat daarop zes maanden hechtenis of een geldboete van SRD 5000,-. Volgens de wet kunnen daarnaast de voorwerpen die zijn verkregen uit de loterij in beslag worden genomen en verbeurd worden verklaard.

Het Openbaar Ministerie heeft inmiddels gevolg gegeven aan het verzoek van minister Santokhi en de opdracht verstrekt aan de Stadspolitiecommandant om een strafrechtelijk onderzoek in te stellen vanwege het niet doen plaatsvinden van de trekking van de Goede Doelen Loterij door de Stichting the Eliezer Group Foundation Loterij. Aan benadeelden wordt gevraagd aangifte te doen bij de politie, die deze zaken verder zal doorgeleiden naar de Stadspolitiecommandant.

Voorlichting JusPol

 

10 februari 2010

Persbericht 08/10

 
Verleende vergunningen op 8 februari 2010

in het kader van het nieuwe Vreemdelingenbeleid 

In uw eigen belang wordt u verzocht om alles te doen om uw verblijfsstatus in de republiek Suriname in orde te maken ! Ga hiertoe naar de hieronder vermelde website.

onder '
Vreemdelingenzaken'

 

4 februari 2010

Persbericht 07/10

   Afsluiting training “Kinderrechten” 

Het Ministerie van Justitie en Politie heeft wederom een succesvolle training achter de rug. Tegen de achtergrond van 20 jarig bestaan van het Kinderrechtenverdrag op 20 november 2009 zijn verschillende activiteiten georganiseerd door het Ministerie. Eén daarvan was capaciteitsversterking van de verschillende afdelingen van het Ministerie, die belangen van kinderen moeten behartigen.  

Medewerkers van het Jeugd Opvoedingsgesticht, Justitiële Kinderbescherming, Politie Jeugdzaken, Bureau Familie Rechtelijke Zaken, Bureau Mensenrechten, Bureau Slachtofferzorg en Bureau Slachtofferhulp Nickerie zijn in de periode 11 januari 2010 tot en met 28 januari 2010 getraind in kinderrechten, zoals vervat in het Kinderrechtenverdrag tegen de achtergrond van het principe  “the best interest of the child” en andere internationale bepalingen, betreffende kinderrechten. Deze training is gefinancierd door Unicef. 

Op 28 januari jl. hebben de participanten hun certificaten in ontvangst mogen nemen. Deze training is verzorgd door mw. drs L. Ferrier, directeur van de Foundation for Human Development (Bureau Kinderontwikkeling) in de Mantel aan de Keizerstraat 61-63.

Het voornaamste doel van de training was om het personeel van voormelde afdelingen van het Ministerie van Justitie en Politie bekend te maken met het Kinderrechtenverdrag en andere internationale bepalingen betreffende kinderrechten en de toepassing daarvan.

Hierdoor kan met name het Kinderrechtenverdrag in de letter en de geest worden geïmplementeerd. De trainees herkennen nu niet alleen de kinderrechten, maar ook de schending van die rechten, waardoor de belangen van kinderen beter behartigd kunnen worden.  

Deze training was een follow-up van de in november 2009 verzorgde training: “Internationale kinderrechten in de Surinaamse context”, waaraan rechters, officieren van justitie en advocaten belast met de piketdiensten hebben geparticipeerd. De coördinatie van de trainingen geschied door het Bureau Vrouwen- en Kinderbeleid van het Ministerie van Justitie en Politie. 

 

Persbericht 06/10

  Opening training “Preventie zelfdoding” 
 
Het Ministerie van Justitie en Politie is op 1 februari 2010 gestart met een training van het personeel van de Politie Jeugdzaken, het Bureau Familierechtelijke Zaken, de Justitiële Kinderbescherming, het Jeugd Opvoedingsgesticht, het Bureau Slachtofferzorg Paramaribo en het Bureau Slachtofferhulp Nickerie in preventie van zelfdoding onder kinderen/jong volwassenen.

Dit, voor de verdere capaciteitsversterking van voormelde afdelingen van het Ministerie, die belangen van (kwetsbare) kinderen moeten behartigen. In de praktijk is gebleken, dat ook kinderen/jong volwassenen overgaan tot zelfmoord, althans een zelfmoordpoging ondernemen. Het is dus van belang bijzondere aandacht te besteden aan deze kwetsbare groep. 

Het doel van de training is om de participanten kennis en vaardigheden aan te reiken in de materie ‘’suïcide” om suïcidepogers te kunnen identificeren, opvangen en begeleiden. Deze training kan dus een wezenlijke bijdrage leveren tot het adequaat behartigen van belangen van (kwetsbare) minderjarigen en een betere bescherming van minderjarigen in een crisis/probleem (zelfmoordpoging).

Deze training wordt gecoördineerd door het Bureau Vrouwen en Kinderbeleid van het Ministerie van Justitie en Politie en wordt gefinancierd door Unicef. Voormelde training wordt verzorgd door een deskundig team bestaande uit de heren drs. Rudi Dwarkasing en drs. Vincent Lumsden in het VMS-gebouw aan de Picornistraat no. 4 en duurt van 01 februari 2010 tot en met 12 februari 2010, elke dag van 09:00 uur tot en met 14:00 uur. 



 

 

TOP